Eindelijk was het dan zover. Na maanden van training en een leven dat draaide om die trainingen, was het 13 juli 2008. Het grote doel was onder de 10 uur. Maar eigenlijk droomde ik stiekem ook van Hawaii. Maar dat is voor een eerste IM misschien wat te veel van ‘t goede…
Was het donderdag en vrijdag nog 28 graden in Zurich, zondag kwam het met bakken tegelijk uit de lucht en was het een graadje of 12! Maar daar heb je bij het zwemmen dan weer geen last van hè. Om 6.55 uur vertrokken de +/- 50 pro’s en om 7.00 uur vertrok ik samen met de overige 2150 deelnemers. De ‘startlijn’ was mooi breed en ik lag vooraan. Ik ben geen slechte zwemmer, dus je wilt niet midden in de drukte liggen. Er hing een helikopter boven de startlijn die er voor zorgde dat je het gevoel begon te krijgen dat dit toch geen normale triathlon was. Maar gek genoeg heb ik eigenlijk weinig tot geen last gehad van zenuwen. Meteen vanaf de start ging het lekker. Ik kon snel m’n eigen slag zwemmen en lag redelijk vooraan in het veld. Hoewel je tijdens de wedstrijd niet merkt dat er nog dik 2000 atleten achter je zwemmen. Uiteindelijk kwam ik na 55 minuten en 51 seconden uit het water. Precies wat ik in gedachten had te zwemmen. (qua minuten dan hè!)
Een parc ferme met 2200 fietsen ziet er mooi uit, maar word je niet vrolijk van als je fiets ergens in het midden staat. Ik had echter het geluk dat mijn fiets helemaal op de laatste rij voor de uitgang stond. Zo dicht bij de uitgang dat m’n chip waarschijnlijk contact gemaakt heeft met het meetpunt toen ik nog naar de fiets liep. Dit resulteerde wel in de snelste wissel van allemaal. 33 seconden! ;-) Uiteraard ging die niet zo snel. Ik heb de tijd genomen om sokken aan te trekken en de schoenen goed aan te doen. Echter had ik er ‘s morgens niet aan gedacht om ook wat warms voor op de fiets mee te nemen. Het regende nog steeds en niet veel warmer dan een graadje of 12. Geen ideaal weer om 2 rondjes van 90 km met een nat trisuit te fietsen! De eerste 50 kilometer gingen echter als een speer, eigenlijk te goed. Al snel zag ik dat ik tussen de pro’s aan het fietsen was. En die waren toch echt eerder gestart. Over het algemeen zijn dat ook geen slechte fietsers, ik kreeg er dan ook een ontzettende boost van. Na 25 kilometer draaiden we de ‘bergen’ in, per rondje maak je zo’n 640 hoogtemeters. Al snel kon ik hier een ontnuchterende conclusie trekken. Ik stond in de verkeerde rij bij het uitdelen van de klimtalentjes! Dacht dat ik nog redelijk naar boven kwam, maar dat viel in het niet bij de anderen. Een voordeel van omhoog gaan is meestal dat je ook weer naar beneden gaat. Echter elk voordeel heeft ook een nadeel! Hoe harder je gaat, hoe kouder het werd. Met dik 60 km/u in een nat shirtje door de regen met 12 graden, daar krijg je het niet warm van. Dus na zo’n 60 kilometer begon ik het toch serieus koud te krijgen. Kippenvel op de armen en klapperende tanden. Dit was dus niet leuk meer! En langzaam verleg je de aandacht van het fietsen naar de kou. Je probeert je er tegen te verzetten (kou is emotie en emotie stop je weg ;-)), maar het vreet wel energie! Dus je voelt de krachten wegstromen en vooral het 2e rondje was dat goed te merken. Een verval van 13 minuten en een hartslag die niet meer omhoog wilde. Maar ook aan deze ellende kwam gelukkig een eind. Had ik echter verwacht er rond de 5 uur over te doen, dit werd dus 5 uur 17. Dat was even een tegenvaller.
Reden voor paniek was er uiteraard nog niet, want ik had ruim de tijd om onder de 10 uur te finishen. Ik wist ook uit ervaring dat de overgang naar het lopen vaak goed uitpakt. Bij de wissel eerst een paar droge sokken en een droog shirtje aangetrokken en op naar de marathon. Na een korte sanitaire stop, die me al een uur dwars zat, ging het lopen inderdaad lekker. De tred was goed en de hartslag zat netjes in de beoogde zone. Mijn gevoel zei dat t eigenlijk iets te hard ging, maar het ging lekker en dacht “we zien wel waar ‘t schip strand”. De ‘rondes’ zigzagde in de buurt van het evenemententerrein met een uitzwaaier over de boulevard van Zurich. Hierdoor was het parcours compact en stonden er veel mensen langs de kant. Dat loopt natuurlijk een stuk prettiger. Halverwege kwam ik door in 1 uur 37. Mijn loopdoel was 3.30 dus ruim binnen t schema. Elke ronde zaten er een aantal bruggetjes, tunneltjes en keerpunten in die het gevoel in de bovenbenen er niet prettiger op maakten. Ze verstijfden dan ook steeds meer en de passen gingen steeds moeizamer. Ik wist dat dit gevoel een keer zou komen, maar het had een rondje later gemogen. Maar op een gegeven moment kom je op een punt dat de pijn niet meer erger kan. Als je dit accepteert leer je er mee leven en kun je je blijven focussen op het lopen. Ik liep nog steeds ruim op schema voor de 10 uur. En van de laatste ronde heb ik dan ook weer echt kunnen genieten. Maar de mooiste meters zijn natuurlijk de laatste meters. Maar de mooiste meters zijn natuurlijk de laatste meters. Alle pijn is (tijdelijk) weg en genieten maar! Een mooi aangeklede finish met publiek, muziek, cheerleaders en high fives maakt het compleet. Na een marathon in 3.32 uur is m’n eerste Ironman een feit. 9.48.51!
P.S. Dit was zeker niet m’n laatste IM. Ik miste de Hawaii kwalificatie (eerste 12 leeftijdsgroep 35-39) op slechts 7 minuten. Minuten waarvan ik weet dat die te winnen zijn.
Wordt dus vervolgd… |